Archief van Januari 2008

High en low tech in Japan

bruid.JPG Net terug van een dikke week Japan, wat een land! Nu jetlag, dus even ’s nachts bloggen… We hebben ons hele wensenlijstje afgewerkt: geisha’s ontmoet (zelfs gehuurd voor een uurtje private entertainment, zie more voor nuance), geskied in sprookjesachtig Nozawa Onzen (waar de warme bronnen worden afgewisseld met fijne piste’s), naar het Summo worstel toernooi geweest, gedanst in een hippe club, geslapen in een Ryokan, gegriezeld in een spiri spookhuis en nog veel meer. Je kan niet anders dan geintrigeerd zijn door Japan: hip en toch ook ouderwets. Zo vonden wij het nog al mee (of tegen?) vallen met dat high tec imago. Al is onze grootste wens om thuis een Japanse (Western style) wc te hebben! Met verwarme bril (heerlijk), stralen en geluidjes om je eigen geluiden te maskeren. Ik heb een dagboekje bijgehouden, dus voor de liefhebber….Vrijdag 19 januari 2008

Afijn, ik ga het reisverslag maken. En dan moet je snel beginnen, want de indrukken buitelen over elkaar heen, voor je het weet ben je lost (in translation). Wellie en ik hadden om 13.00 uur op Schiphol afgesproken. Ruim op tijd om in te checken en nog wat te shoppen. Welmoed was op tijd. Ik niet. Ik ging in de taxi eens de reispapieren doornemen en las daar het woord Paspoort, die had ik dus niet bij me! De taxi was al bijna bij de ring. Toestand! Terug, geen voordeursleutel, wel een buurman die gelukkig thuis was. Uiteindelijk op Schiphol, waar ik bij Wellie in de rij kon aanschuiven, die al bijna aan de beurt was. Lange incheck met vragen over onze accommodaties in Japan, maar toen toch echt door de douane. En dan is het feest al begonnen! Cremepjes kopen, boekjes en geld halen en – om alvast in de stemming te komen – sushi met groene thee. Het vliegtuig had een beetje vertraging maar de vlucht was te doen. Ruim tien uur vliegen met een KLM-vliegtuig vol gelaten Japanners elk in hun eigen psychologische luchtbel. De klok ging acht uur voorwaarts, dus voor je het wist, was het zaterdag.

Zaterdag 19 januari

Wellie_Joan.JPG We komen rond 10.30 uur aan op Narita Airport, wat elk airport op de wereld had kunnen zijn. Alleen de Japanse tekens en de vriendelijk lachende en buigende mensen verraden dat het hier toch echt Japan is. Het verloopt op rolletjes, de koffers komen snel en we vinden direct de bushalte van de friendly (!) airport limousine bus. Er schijnt nog wel iets te zijn met onze buskaartjes, maar als Wel die heeft omgewisseld, worden wij – net als de koffers – keurig netjes opgelijnd tussen de lijnen op de stoep, wachtend op de bus. In de bus – met mooie kanten hoofdsteunen – wordt ons verteld dat we niet mogen bellen, want dat is annoying for the neighbours. Maar ik kan niet eens bellen! Het afkicken is begonnen, mijn telefoon, waar ik toch mee vergroeid ben, doet het hier niet! De weg naar de stad is zoals zoveel wegen van vliegveld naar stad: lelijk. Dan naderen we hoog boven de grond op fly over snelwegen de sky line van Tokyo. Zo ver je kan zien is er stad (15 miljoen Japannertjes) en ongelofelijk veel wolkenkrabbers. De bus remt pas vlak bij de eerste stop; efficiency in het openbaar vervoer is hier uitgevonden. We nemen een taxi vanaf het ANA International (met automatisch openslaande deur!). De chauffeur bestudeert eindeloos het kaartje voor het (Gr)IBIS, spreek uit: IJBIS, en brengt ons 5 minuten verder op! De receptie zit 5-hoog, wij 9. Het is een minikamer voor minimensjes met een droge en een natte cel. We douchen en dan komt Joan binnen stormen. Joan is al twee jaar Tokyo-bewoner met man, werkzaam bij kredietmaatschappij, en twee kinderen en werkt als correspondent (en ze is ons excuus om te gaan skiën in Japan…). Helemaal leuk! We gaan de straat op en een onwijs luxueuze mall in. Alles ziet er smaakvol en net gepoetst uit. Net als enkele prachtige dames in kimono We kijken onze ogen uit en drinken koffie bij Starbucks (!). Daarna worden er sushi ingekocht (say sushi is gelijk voor say cheese) in de 24/7 supermarkt. We nemen de metro naar Joans huis en gaan met een boogje om de eerste dronken Japanner heen. Joan, Bert, Jim en Vic wonen in een laagbouwbuurt met een hele andere sfeer en uitstraling dan Ropongi, de wijk waar we vandaan komen. Het is hier heuvelachtig en een soort van knus. We kletsen, eten sushi en drinken thee. Later wandelen we door de buurt en nemen de metro naar ‘onze’ buurt. We lopen door een prachtig verlicht pad, maar verder kan je de architecten van Tokyo niet op veel schoonheid betrappen. Op de enorme wolkenkrabbers na dan. We drinken bellini en bier op de 47-ste etage van het Ritz Carlton, waar een Nederlander de manager is. Hij is er niet, maar wel in geest, want we krijgen enorme hoeveelheden heerlijke hapjes bij de drankjes. De bar heeft enorm hoge ramen en dus een fantastisch uitzicht, het weer werkt ook mee, en een enorme grandeur. Genotteren hier! Daarna lopen we naar restaurant Gonpachi waar we met Bert hebben afgesproken. Schitterende soort Kill-Bill-achtige saloon waar de koks en de bediening vreemde dingen naar elkaar schreeuwen. Twee pintchers bier en vele lekkere hapjes (met als favoriet de harige ballen en het superbeef) later, lopen Wellie en ik voldaan terug naar ons hotel. Het voelt goed en veilig op straat. We duiken onze minikamer in en vallen in slaap (voor ons is het 2 uur ’s middags met nauwelijks slaap in het vliegtuig). Helaas gaat rond half 4 ’s nachts, we hebben 8 uur tijdverschil, onze biologische klok. Een mooi tijdstip om het eerste deel van het reisverslag te schrijven!

restaurantTokyo.JPG

Zondag 21 januari

We hebben nog heerlijk geslapen en worden gewekt door de wekker om 08.00 uur. Die enthousiast voorgenomen trein van 07.30 uur halen we dus niet meer.. Lekker op ‘t gemak douchen, uitchecken en koffie/thee met met lekkers bij Starbucks. Het is heel rustig in de stad, dat hadden we niet verwacht. En wat er rijdt, zijn taxi’s. Waarschijnlijk speelt alles zich onder de grond af. Maar het is ook zondag. De koffietent is een verzamelplaats voor Ganjins (buitenlanders). We nemen een taxi – nog nooit zo’n smetteloze taxi gezien¡- naar Tokyo station. Daar worden we een keer of 3 naar een volgend loket verwezen, maar komen dan bij 3 zeer behulpzame meisjes die onze Railpassen maken en stoelen naar Nagano reserveren in de Shinkansen, de HSL van Japan. Ontzettend clean is het allemaal. Er komen hele schoonmaakploegen vlak voor vertrek die alle stoelen in de rijrichting draaien (handig!) en geen stofje achterlaten voor de nieuwe passagiers. Die passagiers doen ook heel netjes, de vier dametjes naast ons kruimelen vrijwel niet en zijn universele vrouwen; ‘Hé, nieuwe tas?’ ‘Hi, hi. Hoe vind je mijn muts?’. Wij proberen (per ongeluk) vissnoepjes en groene koude thee; ieuw! Met grote snelheid rijden we door lelijk landschap. Bijna alles is volgebouwd. Maar we zien al snel sneeuw! In Nagano (je weet wel van de Olympische Spelen 1998) moeten we even wachten op de meest trage boemel aller tijden. Het is een soort bus op rails. Maar we komen wel steeds meer in de stemming. Prachtige tempels en mooie grafzerken in een dik pak sneeuw. Bij het stationnetje staat de bus naar Nozama Onsen (notoire onzin) al te wachten en brengt ons naar het dorp. Daar informeren we naar ons hotel zo goed en zo kwaad als het gaat, want dat Engrisch is hier nog niet erg goed doorgedrongen! We moeten de berg op naar het hotel (waar de buschauffeur ons ook had kunnen brengen…), maar het is de moeite waard. Fantastisch, zo’n Japans hotel in een Japans ski-oord! De trotse en buigzame manager checkt ons in en laat ons de Westerse kamer zien (waarschijnlijk de enige) en daarna het pubric binnen en het pubric buiten bad, de eigen onzen (warme bron): ge-wel-dig! We gaan in het dorp zo’n beetje alle winkels binnen met allerlei leuke en totaal onduidelijke eetbare en niet eetbare zooi. Veel appeldingen ook. Alles is in het Japans, dus het is raden wat er in al die prachtige verpakkingen zit. We eten noodle soup in Japanse sik hut. De meeste hotels hebben Japanse namen, maar er is ook een Ski heil en St Anton! Na de tocht door het heuvelige dorp gaan we naar het hotel en maken ons klaar voor het zwavelbad, buiten! Brrrrr, het is enorm koud (gek hè, in de sneeuw) en het bad is waanzinnig heet. Na even wennen is het super! We zitten buiten, met enorme sneeuwlaag voor ons en uitzicht op het dorp en de skipistes en dat alles nakend! Geweldig, andere wereld. Op de kamer beetje relaxen en vechten tegen de vallende oogleden nadat het hele lijf kreeftrood en rozig is geworden. Gelukkig is er summo worstelen op tv, dat houd je wel wakker! Dan gaan we aan het Japanse diner. We hebben, geloof ik, wel 18 gangen en het ziet er allemaal fantastisch uit! Het smaakt niet allemaal fantastisch, maar nou en! We hebben zeker 3 gram garnaal, 8 gram vlees, 6 gram vis, groenten en een stukje appel binnen. We vallen alleen wel wat uit de toon. We zijn de enigen die niet onze badjas met overkimono aanhebben! En we houden ook het hele personeel op door pas om 20.00 uur naar boven te gaan (!). Het hotel is uitgestorven, op wat party annimals op de gang na. Ik houd het lezen wel tot 20.00 uur vol. We worden rond 01.00 uur nog wel wakker, maar slapen dan weer verder.

Nozawa.JPGPubric.JPGonsenBad.JPG

Maandag 22 januari

06.50 uur; wat is deze? Wat is dat voor geluid? Voor ons gevoel is het midden in de nacht en toch liggen we al tien uur in bed. Lastig wakker worden, te koud om te douchen (de badkamer is onverwarmd naast het balkon, waarom is ons een raadsel, niet bepaald western style). Dus snel wassen en op ons meest favoriete object, de verwarmde wc-bril, zitten. Dan in sik-kleding aan het ontbijt. Fout, zit wéér iedereen in kimono! Gelukkig is er ook Europees ontbijt, anders was het toch lastig geworden. Ze eten hier in enorm tempo. Wij staan dus ook al snel in de skizaak van het hotel. De man die ons moet helpen, is totaal in paniek. Hoeveel centimeter zijn onze voeten? Dan passen we skischoenen die vervolgens weer terug in het rek gezet worden (!). Hij noteert Rice-San voor Welmoed (van Rijs) en Maria-San voor mij in het Japans. En dan wachten we. Waarop? Op een mannetje die kant en klare skisetjes, die met een plastic strik aan elkaar gebonden zijn, komt brengen. Het avontuur kan beginnen. Het is rete koud en we lopen door het smalle straatje naar de lift die ons naar het skigebied gaat brengen. Onder welke steen komen deze Japanners vandaan? Een stoeltjeslift zonder beugels, niks, uit het jaar nul! Beetje eng is het wel, zo met je spullen in je handen zonder bescherming hoog boven de grond. Boven koopt Welmoed de skipas, alles is in het Japans aangegeven, maar dit is dan wel weer redelijk high tec, chip voor in de jas, die de poortjes open piept. En wat is het gaaf! Zo ontzettend mooi en zo ontzettend anders! De bomen zijn anders, de skihutten, de skiërs, alles! Ontzettend vette shit, zegt Welmoed. We genieten volop. Na de eerste, zeer relaxte, afdaling meteen maar aan de koffie en hot choco. Te gek! We zien vrijwel alleen Japanners (als je door mutsen, sjaals en helmen heen kijkt) en in de skihut vragen ze waar we vandaan komen. Hollanders kennen ze wel, van K1 wedstrijden. We skiën zo’n beetje het hele gebied af. ’s Middags heb ik op smalle, zwarte bugelpiste angst en kruip ik er met enorm rood hoofd en trillende benen af. We nemen een glaasje Nozawa appelsap, want daar knapt een mens van op. Net als we weer verder willen, zijn de eerste liften al dicht. We gaan via een lopende band naar het dorp beneden en komen in een betoverend stukje Nozawa met onsen, tempel, heiligdommen en mensen in kimono op blote voeten in slippers! We lopen door de heuvelachtige, smalleen besneeuwde straatjes naar ons hotel (nog heel niet makkelijk op die skischoenen). In hotel douchen en weer het zwavelbad in. Intens genieten. Na het relaxen op de kamer gaan we het dorp in. Het water uit het voetenbad voor het hotel loopt over de parkeerplaats en bevriest op het steile stukje. Wij zien dat niet en gaan allebei genadeloos op ons gat. Pijnlijk en ook heel grappig. We moeten sowieso erg veel lachen om van alles. We doen nog even vergeefse queeste voor fotokaart en sluiten dan weer bij de gajin aan in de pub (soort pub dan). We raken aan de praat met Aussies Keith en Andrew, vader en zoon die de wereld rond skiën. We eten heel gezellig met z’n vieren en worden bediend door meisje met haar kind op haar rug. Daarna is het alweer bedtijd: een latertje dit keer: 21.30 uur!

sneeuw.JPGskimeisjes.JPGlunch_hutte.JPG

Dinsdag 23 januari

Het wordt al wat met dat ritme van ons, ik word zelfs voor de wekker wakker Douchen, skipak aan en aan het ontbijt. Nog even checken wat een taxi naar Kyoto kost (teveel) en Masayuki Yamato mailen (bekende uit 2007-bezoek en gulle gever van het fotostempeltje), we spreken met hem af in Kyoto. Appels voor ontbijt (appelsap, appeljam met boter en stukjes appel) en croissants. Weer iedereen in ochtendjas, ‘t blijft intrigerend, zeker die man die elk morgen een vers mini handdoekje om zijn hoofd gebonden heeft. Op naar de pré historische skilift. Ik wil eerder op het stoeltje gaan zitten dan Wellie, dus dan toch maar niet, dus gelanceerd door stoeltje, gevallen vrouw met ski’s; stelletje mutsen. Maar weer erg om te lachen. Boven weten we intussen (van Japanse stoeltjesgenoot) dat we de windkap niet zelf omhoog hoeven te doen. Dat gaat automatisch. We vonden het al zo zwaar gaan en gevaarlijk voor kinderen die vast niet zoveel kracht hebben…… We gaan helemaal naar boven en doen wel een keer of 3 de Yakamibo A, B en C of zo. Het is sprookjesachtig mooi, doodstil en fantastisch! We genieten ons gek, dit is helemaal aan ons besteed. De koffiestop maken we weer bij Popey en ook de lunch nemen we in onze favo hang out. Samen met de drinkeboeren, die naast een paar liter bier ook nog een flesje wijn nemen). Mij favoriete retro Japanner, die als sinds 1975 hetzelfde paars met gele pak draagt, is er ook weer Later op de heuvelrug-piste geeft hij ons een goed-teken als we langskomen, altijd leuk! We nemen eerst de eerste Beer linksaf en doen dan de hele afdaling nog eens (nog eens, nog eens!) om de tweede Beer links te nemen. Dan is de eerste lift alweer dicht. We nemen een andere en doen tot slot nog een hele nieuwe rode afdaling. Nu hebben we echt het hele gebied gehad, want erg groot is het niet. We zijn enorm blije aardbeien en komen precies bij het wisselpunt voor de skipassen en het ongelukkige liftje uit. In het hotel beginnen we weer aan ons badritueel: douchen, badjas aan, rillend naar buiten, kreunen van het hete water, genieten en een bekertje water na. We hebben mazzel dat we steeds het bad voor ons samen hebben. Dit keer komt net als we klaar zijn een minivrouwtje met twee onderbroeken aan. In de kamer afdouchen, koffer herschikken en relaxen. Dan storten we ons in het nachtleven van Nozawa – not! Bijna alles is dicht. We gaan naar de Italiaan (!) en eten naast de familie van der Sloot (soort Australische Jorans) heerlijk pizza en pasta met een prima wijntje erbij. Om 21.00 uur is het weer gedaan met de pret.

Woensdag 24 januari

Arme Wellie heeft ’s nachts allemaal lichaamseigen vocht in het toilet gedeponeerd; migraine, zielie. Gelukkig voelt ze zich om 06.45 uur ietsje beter Ik check Yamato mail en we krijgen lieve ontbijtsetjes mee met fruit, croissant, appel (wat anders) en rijstbollen. De reis gaat voorspoedig. In een bus vol scholieren naar het stationnetje (de meisjes hebben hippe sportbroeken onder hun schooluniformrokjes aan) en dan met staand slapende forenzen in de boemel naar Nagano. In Nagano hebben we nog even tijd om stoelen te reserveren en onwijs leuke stickers voor op je telefoon te kopen. We zijn weer enorm blij met onze aankopen en beplakken en berinkelen meteen onze telefoons. De Shinkansen is top. Hij scheurt naar Tokyo en is natuurlijk weer spick en span, je kan er van de vloer eten. In Tokyo wachten we even op de aansluiting naar Kyoto en bestuderen het hele stoelomdraai- en schoonmaakritueel van de treincrew. In ongeveer 3 uur rijden we naar Kyoto, je voelt het regelmatig in je oren, zo hard gaan we. Onderweg verandert het landschap en sneeuwt het. De totale reis van A naar B kost ons ruim 7 uur, maar dan heb je ook wat: Kyoto! Ik herinner me er niets van tot nu toe. Het station is meteen een soort luxe warenhuis met de meest schitterende winkels. We worden al helemaal hebberig. We nemen de taxi naar Yoshi-Ima, onze traditionele Ryokan in het hart van het Gyon-district (het bekendste district van de geisha’s). We kirren al bij het zien van de eerste lampionnetjes! Opgewonden van de dingen die komen gaan en toch een beetje zenuwachtig voor het weerzien met Masayuki. Geven we handen of kussen we? Het wordt handenschudden, want Masayuki staat al een uur bij de Ryokan te wachten als we aankomen en begroet me met de woorden: You look like Santa Claus omdat ik een rode jas en rode laarzen aan heb! We laten onze spullen achter en gaan snacken in een kekke lopende band sushi keten. Als je iets anders wilt dan op de band langskomt, kan je een Shinkansen bestellen; dan komt er een speelgoed sneltrein met je bestelling! We smullen met z’n 3-en ruim van de sushi en zijn in totaal nog geen 10 euro kwijt. Wie zei er dat Japan duur was? We lopen door geweldige winkelstraten en gaan alweer los aan de hebbedingetjes. We kijken bij een shrine, we luiden de klok voor wijsheid (kunnen we best gebruiken) Heerlijke winkels met eten, stokjes, snuisterijen en van alles. Ook nog extra kaarten voor onze camera’s gescoord, dus we kunnen ongegeneerd verder met alles vastleggen. Dan is het alweer tijd voor onze afspraak met Peter MacIntosh die wandelingen door het geisha-district organiseert. Hij ziet er niet uit; een grote, dikke, blonde Canadees in kimono met regenslippers aan Maar leuk is het wel! Hij vertelt ons van alles, laat de bar van hem en zijn vrouw zien (een voormalige super geisha, die zoveel aanzien had dat ze mannen mocht weigeren, maar waarom ze dan voor die pedante Peter heeft gekozen is ons nog een raadsel). Peter neemt ons, Masayuki en een vader en dochter uit de US mee door steegjes en straatjes. We ontmoeten twee maiko’s en zien geisha’s gewoon in hun Westerse outfit langsfietsen. The memories of a geisha komen hier helemaal tot leven. Delen van de film zijn hier ook opgenomen. We lopen bijvoorbeeld over de brug waar de hoofdpersoon als kind voor het eerst de Voorzitter ontmoet. Ook Masayuki vind het leuk. Al blijft het lastig kletsen met hem, soms lijkt de boodschap totaal niet aan te komen. In de Ryokan worden we welkom geheten door twee dametjes in kimono. Masayuki loopt door naar onze kamer. ‘Het moet niet gekker worden’ denkt Wellie. Maar hij weet dat het diner voor 3 op onze kamer geserveerd wordt! En wat voor diner! Het ziet er allemaal even geweldig uit en het smaakt ook heerlijk. Zo nu en dan zoekt Masayuki op zijn mobiel op wat we eten. Maar als de vertaling yellow tail is, weten we nog niet veel meer. Het op de grond aan het lage tafeltje op de tatamimat zitten valt niet altijd meer, maar gelukkig zijn er een soort stoeltjes zonder poten. Het lijkt er op of Masayuki ontploft van neusverstoptheid en hitte, maar hij overleeft het. Het conversatiemoment is natuurlijk: ‘You get the best regards of Rob’ ‘Rob??’ ‘Yes, my husband Rob, who you think looks like Charles Bronson!’ ‘Oooh, Lob!’ hi, hi. Na het eten, het zoet en de thee is het wel welletjes met zo’n Japanner op sleeptouw, dus charmant werk ik hem de kamer uit. Hij gaat met de trein terug naar zijn dorp. Bij ons worden de bedjes op de tatami opgemaakt. Tafeltje aan de kant, matjes en dekje uit de kast en klaar is Kees! We dubben nog even over de verdere invulling van de avond (de bedjes lonken) maar we besluiten om toch bij Peter MacIntosh een maiko te huren, want als we het niet doen, krijgen we thuis vast spijt. Of niet natuurlijk… We zullen zien.

Ryokan.JPGRyokanDiner.JPGmaikos_Gion.JPGMaikos_gion2.JPG

Geen spijt! Maar het blijft natuurlijk een gek gevoel; 200 euro uitgeven om een meisje van 20 jaar voor een uurtje private entertainment te huren. We praten ons zelf goed door te zeggen dat we zo een cultuur in stand houden. Maar we zitten er eerst toch wel knap ongemakkelijk bij in de privé kamer met Peter boven hun bar. We krijgen misu (water), biru (wat zou dat nou zijn?) en koude sake (ook lekker). Peter is een enorme stresskip, hij zit maar te hannesen met z’n telefoon en te kakelen. Dan komt de maiko binnen. Ze is werkelijk prachtig! Volgens Peter heeft ze voor minstens 70.000 dollar kleding en assocoires aan. Haar gesp is bijvoorbeeld schitterend. Maar haar maandelijks veranderde haarbloem is dan weer van plastic. Haar mond is nog niet helemaal rood op de bovenlip en haar kraag is nog geborduurd. Dat verandert allemaal pas als ze geisha wordt. Ze heeft al wel een sensueel nekje en haar haar zit prachtig. Ze moet daarvoor wel met haar hoofd op een soort krukje slapen, maar volgens Peter wil iedereen wel geisha worden, want wie wil er nou niet zo schitterend uitzien. Wellie en ik vragen ons af of dat leven nou wel zo begerenswaardig is. ‘Onze’ maiko heet Miyagaucto (district) Kanasuzu. We vragen haar het hemd van het lijf (via de vertaling van Peter). Is het leuk? Ja. Heb je heimwee? Nee. Wat is je favoriete vak? Shamisen (gitaar) maar dat kan ze nog niet zo goed. Waar zou je in Europa heen willen? Zwisterland en Oranda (ja, ja, charmant). Hoe zit die kimono als je grotere boopen hebt? (vraag Wellie). Die worden weggeduwd (lijkt ons lastig met onze boezee). Dat Welmoed allemaal filmsterren heeft geïnterviewd vind Kanasuzu geweldig. Ze houd ook van Johnny Depp, Richard Gere (die zij niet op de oude premier van Japan vindt lijken, wij wel) en George Clooney. Ze doet een dans voor ons en schenkt het bier en de sake. We wisselen visitekaartjes (remember me) uit en ze lacht veel. En dan is het uur alweer om. We nemen afscheid, ook van de mannen in de bar, waar Peter zijn vrouw werkt en pinnen nog wat in de 7-eleven. Het is prachtig om ’s avonds door deze wijk te lopen. We pingpongen om binnen te komen (want we zijn later dan 23.00 uur) en duiken op onze matjes onder onze dekjes.

Kanasuzu.JPGNekje_Kanasuzu.JPGKanazusu3.JPGReuzinnen_Kanasuzu.JPGhappyCampers.JPG

Donderdag 25 januari

We hebben heerlijk, als happy campers, op de grond geslapen. Het dametje komt om de bedjes in de kast te stoppen en het ontbijt te serveren. Heerlijk. Wel vervelend is dat Wellie enorme hoofdpijn heeft. We gaan even wat rustiger opstarten. Ik geniet wel van ‘t ontbijtje Western style; scrambled eggs en toast). We laten onze koffers aan en doen het schoen-slipper-schoen-ritueel (dat gaan we vandaag nog vele malen doen!). We lopen door Gion naar de wijk met de tempels. Leuke straatjes en idem winkels. We kopen een prachtige plu, want het sneeuwt zachtjes. We drinken koffie en daar knapt Wel al iets van op. De eerste, onbedoelde, tempel is al indrukwekkend, maar de door ons uitgezochte Kyomizu tempel is fantastisch! Het is er reuze druk met schoolkinderen en Japanse toeristen. Het straatje er naar toe biedt zoveel verleidingen dat we er maar vast aan toegeven: snoep en frutsels, we kunnen er geen genoeg van krijgen. Binnen het tempelcomplex stikt het van de leuke rituelen: touw zwaaien, wierook op je hoofd doen, wensbordjes en -briefjes schrijven, handen wassen et cetera. Het leukste is nog het spooky spiri spookhuis. Met je schoenen in je rechterhand en de reling aan je linkerhand loop je in het pikkedonker door de baarmoeder van een budhist. Je schrikt van elk gordijntje in je gezicht (use the light inside you, yeah right!). Je mag een draai aan een zwak verlichte steen geven en een wens doen. Hoe leuk is dat? De volgende bestemming is Sanjusangendo. We gaan per taxi nu. Het is een soort terracottaleger, maar dan van hout en goud geschilderd. Er staan 1001 beelden met allemaal andere gezichten uit 1200. Ze worden bewaakt door een heel setje six pack goden. Fantastisch indrukwekkend. Dan nemen we de taxi naar Nijo castle uit 1603. Masako, onze lieve free guide die net zo heet als de kroonprinses, vertelt ons over de Shogun en zijn hofhouding. Prachtige wandschilderingen en een tuin met een paradijs in de vijver. Als Masako hoort dat we nu nog naar de Riyonanji tuinen gaat, vertelt ze over een Amerikaanse vriendin die in tranen uitbarstte toen ze de rotstuin zag. Misschien ben ik niet Zen genoeg, misschien is het te koud of moet ik te nodig plassen, maar die rotstuin is toch een spiri stapje te ver voor me. Best mooi zo met die sneeuw, maar ik voel geen diepere emoties opborrelen. We lopen door de rest van de tuinen en stellen ons voor dat het in het kersebloesem seizoen vast nog mooier is. We nemen dezelfde taxi en moeten eerst nog langs het kasteel voor de mooie plu die ik daar heb laten staan in een soort locker. Dan door naar de Ryokan voor de koffers en door naar het station. Mooie timing. We nemen de trein van 17.35 uur van Kyoto naar Tokyo en zijn moe, maar héél voldaan.

Vanaf Tokyo station nemen we een taxi die een lange rit door een totaal andere stad dan Kyoto maakt. Een TomTom kent onze chauffeur niet. Wel een korrelig tv-scherm waar hij met 1 oog naar een of andere vreemde quiz naar kijkt. Ook het adres van Joan is hem onbekend. Hij dropt ons bij het Yoyogi Uehara station. Daar wachten we bij de trap bij McDonalds op Joan, die ons meeneemt naar hun huis. Daar vertellen we met veel gelach onze verhalen, gelardeerd met foto’s en filmpjes, en smullen van dim sums. Heerlijk avondje en dan lekker naar bed. We maken er toch maar geen lesbo-erotische toestand van, al gaf het Japanse boek van Joan veel inspiratie, ha, ha!

Kyoto_tempel.JPGKyoto_tempel2.JPGKyoto_konijn.JPG

Vrijdag 26 januari

Lekker geslapen en gezellig ontbijtje met boterhammen en thee en koffie. Jim is al met de schoolbus me en Vic wordt door Joan naar school gebracht. Dan gaan we helemaal naar de andere kant van de stad, dus dat duurt wel even in zo’n stad van 15 miljoen mensen. We nemen diverse metrolijnen en komen uiteindelijk bij het sumo toernooi. Wat een mazzel dat het net is nu wij er zijn! Het is super geweldig fantastisch! We kunnen er geen genoeg van krijgen. We zitten helemaal vooraan (wat nog best tricky is met die beeldvullende, zwaarlijvigen die zo nu en dan van het podium van klei af worden gegooid) en zijn totaal geïntrigeerd door alle rituelen en vleeskastelen. Wellie en ik gaan helemaal los bij de souvenirs: 3D bekers, kaarten, chocolade, stickers, sleutelhangers, alles met summo worstelaars, wat een plezier! Dan gaan we weer richting hart van de stad om te lunchen in Ren Ren Ren, Joans favoriete Chinees. Joan moet Vic ophalen van school en wij gaan Ginza in (of op?). Wat een winkels! Prachtige warenhuizen en flagship stores van alle grote merken. We checken de Armani tower (prachtig gestyled) en laten ons bij Chanel opmaken. We kopen een lipgloss voor Joan (omdat ze het waard is) en verder niks voor ons zelf. We willen heus wel, maar het lukt gewoon niet. Ik had graag een Japans jurkje of Japans design ding gekocht, maar waar bij de Japanse dames de plooien vast prachtig vallen, vullen wij ze juist op! Ik ga nog onderuit in de Starbucks (slecht verhaal, geblesseerd in US koffiezaak in plaats van op de piste….). Rond 18.00 uur komen we doodmoe bij Joan. We moeten ons weer even oppeppen voor het avondprogramma, pffff.

Summelen.JPGSummo_man.JPGSummo_ring.JPGSummo_stamp.JPG

Maar het is helemaal de moeite waard! Eerst naar Yurakucho station. Daar zitten ontzettend veel eettentjes in kleine steegjes met lampionnetjes. Vrijwel alleen mannen die na de vrij-mi-bo even lekker gaan snacken. Wij schuiven ook ergens aan voor heerlijke yakitori. Toch wel geestig zo buiten/binnen met je jas aan. En warm is het bepaald niet. Er wordt veel om ons en met ons gelachen. Daarna lopen we door Shinjuku, wat een hysterische hoeveelheid jeugd! We lopen naar Golden Gai, het buurtje met een enorme hoeveelheid mini-barretjes. We drinken wat bij Sujashi, een bekende barkeeper van Joan. Sujashi is een coole dude met een ijsmuts en runt het mini muziek café. We kletsen elkaar de oren van het hoofd. Dan gaan we met de metro verder. We hebben nog nooit zoveel mensen gezien, het ziet zwart van de blauwzwarte haardossen. Het is om 23.30 uur drukker dan overdag. Omdat we de trein uitgeveegd worden, nemen we per ongeluk een metro de verkeerde kant op. We zijn even letterlijk het spoor bijster. Maar Joan komt er vrij snel achter, dus we stappen weer over. Bij Ropongi nemen we een taxi naar Izumy Garden. Daar zit de club Ma Chambre. Het is helemaal leuk en zeker de tocht waard. Het wemelt er van de modellen (Australisch model op foto heeft moeder die 2 jaar jonger is dan ik!) en hip volk, een mix van Japanners en alle nationaliteiten die je maar kan bedenken. Iedereen is heel open en we maken enorm veel nieuwe ‘vrienden voor het leven’. We dansen, kletsen met iedereen, drinken biru en hebben het dus goed naar onze zin. Dan moeten we toch echt Sophie, de oppas, gaan aflossen rond 02.00 uur. We hebben erg veel moeite een vrije taxi te vinden terwijl ze toch in rijen voorbij komen. Je moet de code trouwens ook maar kennen: groen is bezet, oranje gereserveerd en rood vrij (rare jongens, die Japanners). Thuis nemen Wellie en Joan een boterham met pindakaas en genieten nog even van de lichtjes van de grote stad. Ik slaap al.

eettentjes.JPGJoan_brasil.JPGWel_hoodie.JPGModel_moeder.JPG

Zaterdag 27 januari

We hebben een lekkere slow start met gebakken en gekookte eitjes in badjas. Daarna nemen we de metro naar Meiji Jingu shrine (1920 en gebombardeerd. In 1958 herbouwd. De overgrootouders van de keizer liggen er begraven), een shinto tempel midden in een park, niet ver van de buurt van Joan. Ongelofelijk dat we nog midden in de stad zijn. Het is zo mooi en rustgevend. En we hebben enorme mazzel want er zijn minstens 3 bruiloften en een religieuze ceremonie gaande. Wat sereen en prachtig! Wellie en ik gaan ons weer eens te buiten aan souvenirs: happy, happy! Daarna laten Joan en de jongens ons los in het Oriental Palace, alweer een top oord voor cadeautjes. Het verzadigingspunt nadert. We slenteren nog wat door de leuke winkelstraten, zoeken – vergeefs – de Blue Blood winkel en knagen nog wat lekkers bij een kopje thee. Dan lopen we met de stroom mee naar Shibuya en zien enorme mierenmassa’s het drukste kruispunt van de wereld oversteken (niet alleen rechtover, maar ook diagonaal). Dit kruispunt zie je ook in Lost in translation. We nemen de metro naar Joan en als we nog wat drink, komt Bert terug uit Hongkong. We nemen afscheid van de jongens en gaan naar de garage, waar Joan hun auto via een lift naar boven laat komen. Als ze hem eruit rijdt, kijken Welmoed en ik zeer geschokt. Joan had gezegd dat ze een kras in de auto had gereden….maar dit is niet bepaald een kras te noemen! Joan ziet onze gezichten en we krijgen vreselijk de slappe lach. Toch loost ze ons zonder brokken door de stad (we krijgen al een klein beetje gevoel van oriëntatie) terug naar ons startpunt, het Gribis. Even relaxen en dan komen rond acht uur Joan en Bert ons alweer ophalen. We lopen naar Ropongi Hills, een enorme kantoortoren waar veel internetbedrijven schijnen te zitten. En dat niet alleen, er zitten ook veel winkels en op 5 hoog rondom veel restaurants. We gaan naar Roy’s, een Hawaiaans restaurant waar de jarigen door de bediening worden toegezongen. Wellie en ik trakteren en we nemen heerlijke gerechten en lekkere wijn. Bert stort zo’n beetje in, dus de 3 dames gaan zelf verder naar Smash Hits. Helaas nemen we geen taxi, maar maken we nog wat kilometers onder en boven de grond op hoge hakken. Smash hits zit in een ambassadewijk. We zijn (en blijven!) de eersten in het soort minitheatertje. Japanse kareoke is meestal in privé kamertjes, dit is leuker. En al hebben we geen publiek, het voordeel is dat The-40-something-Kareoke-girls meteen en steeds aan de bak kunnen met hun zangtalenten. The Police en Madonna zijn te moeilijk, maar Jolene van Dolly Parton is een succes. ‘Thank you all for coming’ ‘How are you Tokyo?’ We lachen de tranen uit onze ogen om onze eigen hysterie. De jongen van de techniek is onze enige fan en hij blijft enthousiast. Dan is het tijd om afscheid van Joan te nemen (jammer) en een taxi naar onze droge en natte cel te nemen. We zijn wel heel moe nu.

haardracht.JPGwedding.JPGweirdos.JPGKareoke.JPG

Zondag 28 januari

Als de wekker gaat (06.30 uur) zijn wij nog niet erg uitgeslapen. Maar de grote terugreis is begonnen. Op automatische piloot douchen, inpakken, Starbucken en aanmelden voor de bus in de Ritz. De service is weer meer dan geweldig. Anderhalf uur later zijn we op het vliegveld, we hebben veel tijd te voldoen en doen dat goed met koffiedrinken, shoppen en snacken. Op de valreep kopen we allebei nog een I-dog, die danst en lichtjes geeft op muziek. In het vliegtuig (we zijn de laatsten) probeer ik de hond meteen uit. Hij doet het! Maar hoe gaat ‘ie uit? De gebruiksaanwijzing is alleen in het Japans, dus ik schakel de hulp van mijn buurvrouw in. Zij kan er zelfs niet veel wijzer uit worden, nou ja! De vlucht duurt 11,5 uur. Even doorzetten, maar dan zie ik Lob ook weer! The end

Reageer 28 Januari 2008 - 3:08 Marja

Een kijkje in de keuken: usability onderzoek

bsod.bmpMijn collega, Martijn, wees mij op een interessant artikel op de website van Frank Watching, geschreven door Nicoline van Elten van Jungle Rating. Nadat ik dit artikel gelezen had, dacht ik, hier heb ik nog wel een waardevolle aanvulling op!Een korte inleiding. Usability onderzoek is een uiterst geschikte methode om inzicht te krijgen in de gebruiksvriendelijkheid van een digitaal product. Bij usability onderzoek staat de gebruiker centraal. Het kan in verschillende fases van ontwikkeling worden ingezet, en het resultaat is een helder advies ter optimalisatie van je website.

Voor mijn afstuderen deed ik een onderzoek bij Ruigrok | NetPanel naar de richtlijnen en aandachtspunten van usability onderzoek. Aangezien jij als lezer vast erg nieuwsgierig bent hoe je dat het best kan doen, geef ik hier kort enkele kernpunten.

  1. Zorg dat je de juiste mensen ondervraagt
    Zorg voor een goede selectie van respondenten die representatief voor de doelgroep en houd altijd rekening met een spreiding in internetervaring (low, medium en heavy users). Houd rekening met eventuele subgroepen, die mogelijk van elkaar verschillen. Als er subgroepen zijn, dan moet het aantal respondenten (per test) worden uitgebreid. Ga uit van minimaal vier respondenten per subgroep.
  2. Een goede voorbereiding is het halve werk
    Verdiep je in de interface zodat je goed op de hoogte bent van de mogelijkheden. Loop de taken vlak voor het onderzoek nog even na. Zorg daarnaast dat je goed op de hoogte bent van de instellingen van de computer waarop je test (pas deze zonodig aan).
  3. Zorg voor een zo natuurlijk mogelijke situatie
    Werk met de meest gangbare schermgrootte, dit is momenteel 1024 bij 768. Bied de respondent iets te drinken aan en laat hem of haar zich thuis voelen op de onderzoekslocatie.

Wil je meer informatie omtrent dit onderwerp? Vraag dan mijn scriptie op door te mailen naar: fernando@ruigroknetpanel.nl

1 reactie 25 Januari 2008 - 12:56 Fernando

Netwerken op de piste

brillen.JPG Die Oostenrijkers denken ook overal aan als je op wintersport bent! Zit je net aan de heise Choco, kom je een onwijze prospect tegen. Heb je skibril, -pas, -handschoenen, -creme in je ski-uotfitje gestopt, maar ben je je visitekaartjes vergeten! Kein Problem! Daar hadden ze bedrukte suikerzakjes voor: ”Gerade keine Visitenkarte dabei? Kein Problem!”‘ En dan plaats voor naam, adres, telefoon en email! Geestig! Het jaarlijkse Rockies ski festijn was ook weer heel geestig. Kijk voor het meegenieten op onze foto-gallery of luister naar onze favo Ski-hit “‘Kom hol das Lasso raus” (al zijn dit soort dingen altijd meer in de categorie: Je-had-erbij-moeten-zijn-om-te-snappen-waarom-het-zo-leuk-is…..). nou en!groot.JPG

Reageer 14 Januari 2008 - 16:43 Marja

Vlek op Fleck!

IPAn.JPG Gisteren was de nieuwjaarsreceptie van IPAn in Felix Meritis. En wat zag ik daar? Een man (meer jongen eigenlijk) in een wit pak! En het was geen Fleck-boy, de mannen die overal in wit verschijnen en zich laten bevlekken met mailadressen. Was hier sprake van plagiaat!? Sem (een jongen van de natuur) was zich in elk geval nergens van bewust: ”Ik ben altijd in het wit op borrels, dat valt op”. Inderdaad, ja! De goede voornemens van Sem, ondergetekende en nog een paar borrelaars vind je op de site van Edo van TV4B. Altijd weer zwaar confronterend om jezelf zo op beeld te zien… en die stem! Horen anderen mij echt zo praten? Afijn, maar ik geef aan een blije aardbei te zijn met een mooi jaar achter de rug en misschien nog wel een mooier jaar voor ons! Geinspireerd door Fleck hebben we een nieuw onderzoeksinstrument gelanceerd: Tag-it! Ontworpen door Anne-Jochems die er cum laude op afstudeerde op de TU Delft. Deelnemers kunnen naar hartelust foto’s met ons delen of op websites of andere uitingen groene, rode en gele post-its plakken met commentaar. Wil je er meer over weten? Vraag ons persbericht op! 

Reageer 9 Januari 2008 - 10:37 Marja

Een usable 2008!

usability.jpg Vandaag werd ik geattendeerd op de site Usarchy.com (dank voor de titel van deze post!). Een site die helemaal gaat over een favoriet onderwerp van ons: namelijk usability testing! Fernando heeft er zijn masters- scriptie er ook over geschreven: Richtlijnen voor goed usabilty onderzoek (op te vragen bij mij). En Frank schreef er ook een goede post over: Waarom websites nog steeds niet gebruiksvriendelijk zijn. Hier komt nog maar eens te meer naar voren dat er nog steeds weinig kennis over de materie is. Zelfs experts als webbouwers denken soms te weinig aan die ”arme klikker” die als een bezetene de structuur van een site probeert te doorgronden. Want we zijn verwend tegenwoordig! Kunnen we niet binnen een paar klikken het doel bereiken waarom we de site bezoeken, dan is het gedaan met het imago van het betreffende bedrijf. Niets leerzamers dan een paar gebruikers aan de slag te zien met een site!

Reageer 7 Januari 2008 - 16:59 Marja


Kalender

Januari 2008
M T W T F S S
« Dec   »
 123456
78910111213
14151617181920
21222324252627
28293031  

Artikelen per maand

Laatste reacties

Artikelen per categorie

Login